De publieke Duitse spaarbanken hebben ondanks de lage rentes vorig jaar een miljardenwinst geboekt. Daarbij verbleken de prestaties van commerciële banken als Deutsche Bank en Commerzbank. De 384 kredietinstellingen verdienden gezamenlijk €2,2 mrd onder de streep na belastingen in 2018. Dat is €100 mln meer dan een jaar eerder. De spaarbanken presteren ook beter dan de grote Duitse banken in de verhouding tussen kosten en opbrengsten. Die staat bij de spaarbanken op 65,5%. Dat wil zeggen dat de spaarbanken gemiddeld 65,5 cent uitgaven om één euro te verdienen. Deutsche Bank geeft 94 cent uit per verdiende euro. Van ING is deze zogeheten ‘cost-income’-ratio in Duitsland inclusief dochterbedrijf Interhyp een stuk lager: 47%. Het Duitse bankenlandschap is traditioneel sterk bevolkt. Dat komt ook door de relatief belangrijke rol van de publieke instellingen. Het systeem bestaat uit drie pijlers: commerciële banken (zoals Deutsche Bank en Commerzbank), de publieke spaarbanken (de spaarbanken en Landesbanken) en de coöperatieve banken (zoals DZ Bank).

https://bit.ly/2CeadCV