Het wordt voor Europese landen makkelijker om kleine en middelgrote ondernemingen te hulp te schieten als ze bij banken moeilijk aan krediet kunnen komen. De Europese Commissie maakte woensdag bekend dat de mogelijkheden tot staatssteun in zulke gevallen met ingang van 1 juli worden verruimd. Brussel meent dat overheden private investeerders over de streep kunnen trekken door zelf vaker belastinggeld te steken in bijvoorbeeld startende ondernemingen. Bij banken kunnen veel bedrijven momenteel niet terecht voor financiering omdat die hun balansen moeten versterken en daardoor minder ruimte hebben om leningen te verstrekken. Vergeleken met de oude regels uit 2006 staan de nieuwe richtlijnen een breder scala aan steunmaatregelen toe, waaronder kapitaalverstrekking, leningen en garanties. Met die hulp kan het midden- en kleinbedrijf meer banen creëren en meer bijdragen aan de economische groei, aldus de EU. Innovatieve bedrijven Ook beursgenoteerde ondernemingen met minder dan 500 werknemers komen volgens de nieuwe regels eerder in aanmerking voor overheidssteun. Voor innovatieve bedrijven waar minstens 10 procent van de totale kosten opgaat aan onderzoek en ontwikkeling, ligt die bovengrens bij 1500 werknemers. Voor eenmalige bedragen onder de 15 miljoen euro per bedrijf is bovendien geen voorafgaand onderzoek door toezichthouders meer nodig. Nu wordt die uitzondering alleen gemaakt bij bedragen tot 1,5 miljoen euro per bedrijf per jaar.

Nederland is binnen Europa het beste land om een mkb-bedrijf te vestigen. Wereldwijd hoeven we alleen Canada, Hongkong en de Verenigde Staten voor ons te dulden, blijkt uit de mkb-bedrijfsklimaatindex 2019 van kredietverzekeraar Euler Hermes. De ranglijst van dertien onderzochte landen is gebaseerd op zes verschillende factoren: bureaucratie, belastingbeleid, flexibiliteit van de arbeidsmarkt, financiering, exportmogelijkheden en concurrentie. Nederland scoort vooral goed op het gebied van exportmogelijkheden; bijna 10 procent van de mkb-bedrijven exporteert hun producten, terwijl dat onder de onderzochte landen gemiddeld 5,5 procent is.

Ook is Nederland aantrekkelijk vanwege de flexibiliteit van de arbeidsmarkt, financieringsmogelijkheden en relatief weinige administratieve rompslomp, zegt Johan Geeroms van Euler Hermes Nederland: “Zakendoen over de grens gaat ons gemakkelijk af. Nederlandse ondernemers zijn relatief hoog opgeleid en ze spreken behoorlijk goed Engels. Maar ook als je kijkt naar de benodigde documenten is het in Nederland gemakkelijk internationaal zakendoen.”

Ook is er volgens Geeroms veel aandacht voor startups en scaleups in Nederland met platforms als TechLeap en NL Groeit.

Nederland is minder sterk als het gaat om concurrentie en belastingen. “Uit ons onderzoek blijkt dat Nederlandse bedrijven meer ‘last’ hebben van onderlinge concurrentie dan collega’s elders. Ook fiscaal scoren we minder goed. Nederlandse mkb-bedrijven betalen meer vennootschapsbelasting dan bijvoorbeeld collega-bedrijven in België of Frankrijk”, zegt Geeroms. Canada scoort als nummer één wereldwijd vooral goed op het gebied van belastingbeleid en financieringsmogelijkheden en nummer twee Hongkong vooral vanwege de flexibiliteit van de arbeidsmarkt. Frankrijk is vanwege de starre arbeidsmarkt juist relatief onaantrekkelijk voor het midden- en kleinbedrijf.

Mkb-bedrijven zijn cruciaal voor economische groei en welvaart. In Europa is 99 procent van alle bedrijven een mkb-onderneming en zorgen ze voor meer dan zestig procent van de toegevoegde waarde.

 

Lees meer nieuws over mkb-bedrijven: